Bel ons voor info 0294 - 74 50 70

Nieuws item

‘Eerst de installatie, daarna de isolatie’

Zegt Jan-Maarten Elias, directeur van Energy Bridge


“De bekende trias energetica is achterhaald door innovaties in de installatietechniek. We gaan van ‘Isolatie First’ naar ‘Elektrificatie First’”, stelt directeur Jan-Maarten Elias van Energy Bridge. Door de juiste maatregelen te nemen op de natuurlijke momenten van vervanging, is er volgens hem vanaf dag één energie te besparen en winst te behalen. Met een terugverdientijd van minder dan 10 jaar.

Energy Bridge is zowel adviseur als installateur en heeft zich gespecialiseerd in de verduurzaming van collectieve installaties. Dat gaat om installaties van zowel VvE’s, corporaties en zorgingstellingen als commercieel vastgoed. Voor Energy Bridge staat voorop dat de aanpak van verduurzaming haalbaar en betaalbaar moet zijn. “Dat is ook de businesscase waar opdrachtgevers naar op zoek zijn”, zegt directeur Jan-Maarten Elias. Hij houdt een sterk pleidooi om daarvoor de trias energetica los te laten en juist te kijken naar de vervangingsmomenten van elk gebouwonderdeel dat invloed heeft op de stookkosten. De installaties komen daarom eerder dan bod dan de schil van een gebouw.

Met een hybride installatie is volgens Elias 60 tot 80 procent op het verbruik van aardgas te besparen. “Als je begint met maximaal isoleren van de schil – de zogenoemde warme jas -, levert dat slechts 40 procent besparing op aardgasverbruik op, terwijl het meer geld kost.”

Gratis verduurzamen

“De overstap naar een hybride installatie resulteert in een besparing van 30 tot 40 procent op de energiekosten. Slim vervangen is dus gratis verduurzamen”, stelt Elias. Hij adviseert om voor die overstap vooral de natuurlijke vervangingsmomenten te gebruiken. “Gaan je collectieve ketels nog maar vijf jaar mee, dan kun je nu alvast aan de slag. Gaan ze nog tien jaar mee, laat ze dan rustig zitten tot het moment van vervanging. We integreren de bestaande ketels dan in de hybride installaties. Doordat ze daarin minder draaiuren gaan maken, gaan ze ook nog eens langer mee.”

“Als je voldoende stroom ter beschikking hebt, kun je prima 80 procent van de benodigde capaciteit verzorgen met warmtepompen. Maar voor de laatste 20 % is nu heel veel extra inspanning nodig, met hoge kosten. Voor hetzelfde geld waarmee je één gebouw in één keer all-electric maakt, kun je er ook drie voorzien van een hybride installatie. Dat laatste levert een beter rendement en een hogere CO2-reductie op. Als je je installatie over 15 jaar weer moet vervangen, zijn er ongetwijfeld betere oplossingen met hogere rendementen en temperaturen. Nu al zie je warmtepompen met propaan als koudemiddel, die watertemperaturen produceren van 60 tot 70 graden. Daarmee kun je later alsnog de stap maken naar all-electric.”

Elias heeft meerdere argumenten om voorlopig vooral in te zetten op hybride installaties. “Alle gebouwen in één keer all-electric maken is niet haalbaar. Dat is niet betaalbaar, maar er is ook onvoldoende stroom beschikbaar om overal maar warmtepompen te plaatsen.” Een ander argument is dat VvE’s en woningcorporaties over het algemeen blij zijn met de backup van een cv-ketel. “Dit vooral vanwege de verhalen die ze horen over warmtepompen, los van of die terecht zijn of niet.”

Pragmatisch isoleren

“Uiteraard is isoleren altijd goed om de energievraag te reduceren en soms ook echt nodig. Met de nieuwste innovaties op installatietechniek is er aanzienlijk minder isolatie nodig om naar all-electric te gaan. Moet dat nog echt die warme jas zijn met een Rc-waarde van 5 of 6, of is een pramatische aanpak me een Rc-waarde van 3 ook goed genoeg in combinatie met kierenjacht en het oplossen van koudebruggen? Dat laatste is veel goedkoper en kost minder materiaal. Productie van materialen betekent ook CO2-uitstoot.” Een goed integraal ontwerp met installatietechnische en slimme bouwkundige maatregelen is volgens Elias voor gebouweigenaren dan ook een logische stap.

Prefab installatie

Energy Bridge kan de overschakeling naar een hybride installatie vrijwel naadloos laten verlopen. “We kiezen er voor om de installatie met warmtepompen te prefabriceren en die dan in één keer te plaatsten, meestal op het dak. Daarna kun je die ook in één keer aankoppelen. Bij het engineeren van de installatie kijken we uiteraard naar alle mogelijke aspecten, zoals de beschikbare stroomaansluiting maar ook het voorkomen van geluidoverlast door de warmtepompunits, de constructieve mogelijkheden voor bijvoorbeeld plaatsing op het dak en de vergunningseisen.”

“We kijken ook naar de terugverdientijd. Die moet korter zijn dan tien jaar en dat garanderen we dan ook. Evenals dat er vanaf dag één een lagere energierekening is. Daarvoor bieden we garantie op de uitvoering maar monitoren we de installatie ook in de loop der tijd.” Energy Bridge rekent op basis daarvan graag de businesscase voor voor zowel corporaties en zorginstellingen als VvE’s en commercieel vastgoed.

Ga terug